Wat veranderde er voor de bestuurders in het WVV?

Terug naar het overzicht

06 december 2020

Wat veran­derde er voor de bestu­ur­ders in het WVV?

Wie WVV zegt, denkt meteen aan de nieuwe regels voor ven­nootschap­pen. Een kap­i­taal­loze BV, nieuwe regels inza­ke stem­recht, een andere invulling voor de coöper­atieve ven­nootschap, Maar ook voor de bestu­ur­ders veran­derde er heel wat.

Belan­gen­ver­meng­ing

Het nieuwe WVV bevat een ruime en vooral stren­gere regeling voor belan­gen­con­flicten bin­nen een onderne­m­ing.
De eerste nieuwigheid is de onthoud­ingsplicht: de bestu­ur­ders van BV’s, CV’s en NV’s mogen niet meer deel­ne­men aan de beraad­slag­ing en de stem­ming over een ver­richt­ing waar er sprake is van een belan­gen­ver­meng­ing. Dit was onder het oude ven­nootschap­swet­boek wel mogelijk (behalve bij pub­lieke NV’s).

Is er een poten­tieel belan­gen­con­flict voor alle bestu­ur­ders, dan moet de ver­richt­ing voorgelegd wor­den aan de algemene ver­gader­ing. Keurt de algemene ver­gader­ing de besliss­ing of de ver­richt­ing goed, dan kan het bestu­ur­sor­gaan ze uitvo­eren. Ook als er maar één bestu­ur­der is, moet de algemene ver­gader­ing beslis­sen. Is die enige bestu­ur­der tevens ook de enige aan­deel­houd­er, dan mag hij de besliss­ing zelf nemen en de ver­richt­ing uitvoeren.

Let op: als er sprake is van een belan­gen­con­flict, dan moet dit (net zoals voorheen) gepub­liceerd en omschreven wor­den in de notulen van de betrokken ver­gader­ing. Die notulen moeten in hun geheel opgenomen wor­den in het jaarver­slag of in een stuk dat samen met de jaar­reken­ing wordt neergelegd.
Is de enige bestu­ur­der ook de enige aan­deel­houd­er, dan moet er een bij­zon­der ver­slag bij de jaar­reken­ing wor­den gevoegd. Dat bij­zon­der ver­slag bevat de overeenkomst ges­loten tussen de bestu­ur­der en de vennootschap.

Wor­den deze regels niet nageleefd, dan kan de nietigheid van het besluit gevorderd wor­den door de ven­nootschap én door elke belanghebbende.
Deze nieuwe regels gelden ook voor bestu­ur­ders van CV’s, VZW’s en stichtingen

De nieuwe regels gelden voor bestu­ur­ders van onderne­min­gen opgericht na 1 mei 2019. Voor onderne­min­gen die al beston­den op dat ogen­blik zijn ze van toepass­ing sinds 1 jan­u­ari 2020 ten­z­ij de statuten van de onderne­m­ing wer­den aangepast aan de nieuwe wet­gev­ing vóór 1 jan­u­ari 2020.

Vaste verte­gen­wo­ordi­ger

Als de rol van bestu­ur­der wordt opgenomen door een andere rechtsper­soon, dan wordt deze bestu­ur­der-rechtsper­soon verte­gen­wo­ordigd door een “vaste verte­gen­wo­ordi­ger”. Onder het oude wet­boek van ven­nootschap­pen moest die vaste verte­gen­wo­ordi­ger ook effec­tief een pro­fes­sionele link hebben met die ven­nootschap. De vaste verte­gen­wo­ordi­ger moest immers gekozen wor­den uit de aan­deel­houd­ers, de bestu­ur­ders, de leden van de raad van bestu­ur of de medew­erk­ers van de bestu­ur­der-rechtsper­soon.
Dat is niet langer nodig. Ook een derde par­tij kan nu dus vaste verte­gen­wo­ordi­ger zijn van een bestu­ur­der-rechtsper­soon.
Anderz­i­jds is het niet meer mogelijk om een andere rechtsper­soon als vaste verte­gen­wo­ordi­ger te benoemen.

Nieuw is ook dat er naast de vaste hoofd­verte­gen­wo­ordi­ger ook een plaatsver­vanger benoemd kan wor­den. Die plaatsver­vanger kan dan optre­den als a) de hoofd­verte­gen­wo­ordi­ger belem­merd is en b) er geen andere bestu­ur­der is.

Het WVV bevat voor vaste verte­gen­wo­ordi­gers een dubbel cumu­latie­ver­bod. Een natu­urlijk per­soon kan niet langer in de raad van bestu­ur zete­len met twee hoe­den op, namelijk enerz­i­jds als vaste verte­gen­wo­ordi­ger en anderz­i­jds als bestu­ur­der.
Boven­di­en kan een natu­urlijk per­soon ook niet vaste verte­gen­wo­ordi­ger zijn van meerdere bestu­ur­ders-rechtsper­so­n­en bin­nen één onderne­m­ing. Meerdere keren vaste verte­gen­wo­ordi­ger zijn, telkens in een andere onderne­m­ing mag nog wel.

Ten slotte stip­pen we nog aan dat de regels inza­ke belan­gen­con­flicten voor bestu­ur­ders niet alleen gelden als er een belan­gen­con­flict zou zijn ten aanzien van de bestu­ur­der-rechtsper­soon, maar ook als er een belan­gen­con­flict is ten aanzien van de vaste verte­gen­wo­ordi­ger zelf (dus zon­der dat de bestu­ur­der-rechtsper­soon een belan­gen­con­flict zou hebben).

Bestu­ur­ders zijn personeelsleden

Wat niet zo’n enorme ingreep lijkt, is het dat soms best wel: door bestu­ur­ders onder het begrip “per­son­eel” te lat­en vallen wor­den tal van ven­nootschap­srechtelijke bepalin­gen met zek­er­heid van toepass­ing op bestu­ur­ders. Het gaat daar­bij voor­namelijk om ver­richtin­gen met aan­de­len (kap­i­taalver­hoging, inkoop van eigen aan­de­len, het toeken­nen van inschri­jv­ingsrecht­en, …) waar­bij een bij­zon­dere pro­ce­dure geldt naarge­lang die ver­richt­ing voor per­son­eel is of niet.

Wor­den dus beschouwd als personeel:

de natu­urlijke per­so­n­en die een arbei­dsovereenkomst of een man­age­men­tovereenkomst sloten met de ven­nootschap (of met dochtervennootschappen);

de rechtsper­so­n­en die een man­age­men­tovereenkomst sloten met de ven­nootschap (of met dochter­ven­nootschap­pen) (ten­min­ste als die rechtsper­so­n­en door één enkele natu­urlijke per­soon wor­den verte­gen­wo­ordigd en die natu­urlijke per­soon er tevens de con­trol­erende ven­noot of aan­deel­houd­er van is);

de leden van het bestu­ur­sor­gaan van een ven­nootschap of dochtervennootschap(pen), met inbe­grip van rechtsper­so­n­en van wie de vaste verte­gen­wo­ordi­ger ook de con­trol­erende ven­noot of aan­deel­houd­er is.

Deze defin­i­tie van “per­son­eel” geldt enkel voor de boeken 5 (BV’s), 6 (CV’s) en 7 (NV’s). De grootte van een ven­nootschap (micro, klein of groot) is onder meer afhanke­lijk van het aan­tal per­son­eel­sle­den. Maar die bepal­ing staat in boek 1 van het WVV en er wordt daar­bij uit­drukke­lijk ver­wezen naar het aan­tal per­son­eel­sle­den die in de DIMONA-aangifte voor werkne­mers is opgenomen.

In dat ver­band moeten we nog toevoe­gen dat de bestu­ur­der net zoals voorheen onder­wor­pen is aan het soci­aal statu­ut van zelf­s­tandi­ge. Het WVV laat echter wel toe om met die bestu­ur­der ook een arbei­dsovereenkomst te sluiten op voor­waarde dat die arbei­dsovereenkomst op zich niets te mak­en heeft met het bestu­ur­der­s­man­daat. In een dergelijk geval is de bestu­ur­der voor zijn bestu­urs­man­daat nog steeds onder­wor­pen aan het zelf­s­tandi­gen­statu­ut, het­z­ij in hoofd­beroep, het­z­ij in bijberoep.