UBO-register: termijn voor hoorrecht verduidelijkt

Terug naar het overzicht

17 augustus 2022

UBO-reg­is­ter: ter­mi­jn voor hoor­recht verduidelijkt

Een ‘wet van 18 sep­tem­ber 2017 tot voorkom­ing van het wit­wassen van geld en de financier­ing van ter­ror­isme en tot beperk­ing van het gebruik van con­tan­ten’ voerde het zoge­naamde UBO-reg­is­ter (of Ulti­mate Ben­e­fi­cial Own­ers-reg­is­ter) in. De inwerk­ingtred­ing ervan ver­liep niet van een leien dak­je en ook dit jaar wer­den de regels rond het UBO-reg­is­ter nog bijgestuurd.

Europees recht

De wet van 18 sep­tem­ber 2017 vloeit voor uit een Europese richtli­jn inza­ke wit­wassen: de zoge­naamde 4e AML-richtli­jn. Die richtli­jn ver­plicht de lid­stat­en om maa­trege­len te nemen opdat:

op hun grondge­bied opgerichte ven­nootschap­pen en andere juridis­che entiteit­en toereik­ende, accu­rate en actuele infor­matie over hun uitein­delijke begun­stig­den zouden inwin­nen en bijhouden; en

er een cen­traal reg­is­ter met infor­matie over de uitein­delijke begun­stig­den van die entiteit­en zou komen om de toe­gang tot die ‘toereik­ende, accu­rate en actuele infor­matie’ te vereenvoudigen.

In uitvo­er­ing van die richtli­jn ver­plicht de Bel­gis­che wet de ven­nootschap­pen, (inter­na­tionale) vzw’s en stichtin­gen om infor­matie over hun uitein­delijke begun­stig­den in te win­nen en bij te houden. De bestu­ur­ders moeten die infor­matie bin­nen de maand naar het UBO-reg­is­ter sturen.

De uitein­delijke begunstigden

De defin­i­tie van de uitein­delijke begun­stig­den hangt af van de aard van de juridis­che entiteit. In een ven­nootschap zijn de uitein­delijke begunstigden:

in eerste instantie de natu­urlijke per­so­n­en die recht­streeks of onrecht­streeks een toereik­end per­cent­age van de stem­recht­en of van het eigen­doms­be­lang in de ven­nootschap hebben, met inbe­grip van het aan­houden van aan­de­len aan toon­der. Meer dan 25% van de aan­de­len of van het kap­i­taal van de ven­nootschap bezit­ten, geldt als een indi­catie van een toereik­end per­cent­age van de stem­recht­en of van het directe belang; 

de natu­urlijke per­so­n­en die zeggen­schap hebben over de ven­nootschap via andere mid­de­len. Bijvoor­beeld via een aandeelhoudersovereenkomst;

ten slotte, wan­neer geen van boven­staande per­so­n­en geï­den­ti­ficeerd kon­den wor­den: de natu­urlijke per­so­n­en die behoren tot het hoger lei­d­inggevend personeel. 

Sanc­ties

De wet van 18 sep­tem­ber 2017 zegt dat bij inbreuken op de infor­matieplicht inza­ke de uitein­delijke begun­stig­den er admin­is­tratieve boetes kun­nen wor­den opgelegd. Die boetes kun­nen gaan van 250 tot 50.000 euro en kun­nen niet alleen de bestu­ur­ders tre­f­fen, maar ook de leden van het direc­tiecomité of, bij ontsten­te­nis van een direc­tiecomité, de leden die deel­ne­men aan de effec­tieve leiding. 

In de regel wordt een boete pas opgelegd nadat de betrokkene een herin­ner­ing of een ken­nis­gev­ing met de vast­stelling van een inbreuk heeft gekre­gen. U zal in de prak­tijk dus geen boete kri­j­gen bij een eerste vast­stelling van een mogelijke inbreuk. U hebt dan alsnog de gele­gen­heid om uw wet­telijke infor­matieplicht te vervullen en een boete te ver­mi­j­den of u kan argu­menteren waarom u die ver­plicht­ing niet bent nagekomen. Er was miss­chien een ver­giss­ing in het spel.

Als infor­matieplichtige per­soon kan u zich ook beroepen op uw recht om geho­ord of opgeroepen te wor­den. Tot voor kort was niet bepaald bin­nen welke ter­mi­jn dat moest gebeuren. Recent werd ver­duidelijkt dat dit bin­nen de maand moet gebeuren: de betrokkene kri­jgt een ter­mi­jn van 30 dagen na ont­vangst van de ken­nis­gev­ing dat er een admin­is­tratieve boete kan wor­den opgelegd om een vraag in te dienen om geho­ord of opgeroepen te worden. 

Net als vroeger geeft de admin­is­tratie er de voorkeur aan om de infor­matieplichtige te ‘horen’ via mail – dus schriftelijk, op elek­tro­n­is­che wijze –, maar als infor­matieplichtige kan u alti­jd vra­gen om toch mon­del­ing geho­ord te worden.