Loongrens voor beslaglegging of overdracht

Terug naar het overzicht

05 februari 2020

Loon­grens voor besla­g­leg­ging of overdracht

Als uw werkne­mer schulden heeft ten aanzien van der­den, dan kan het gebeuren dat die schuldeis­er zich tot de werkgev­er richt om een deel van het loon aan hem door te storten in plaats van aan de werkne­mer. Er zijn echter gren­zen aan die besla­g­leg­ging en die wor­den jaar­lijks geïndexeerd.

Soorten loonbeslag

Tra­di­tion­eel wordt onder­scheid gemaakt tussen het uitvo­erend der­denbeslag en het bewarend der­denbeslag. Zoals u al uit de benam­ing kan aflei­den moet u als werkgev­er, bij een bewarend beslag de betrokken som­men blokkeren en mag u ze niet uitk­eren aan de werkne­mer. Bij een uitvo­erend beslag moet u niet alleen de som­men blokkeren maar u moet ze ook doorstorten aan de rechthebbende schuldeiser.

De over­dracht van het loon zal vaak voortvloeien uit een overeenkomst afges­loten tussen de werkne­mer en een andere per­soon (bijvoor­beeld een financier­ingsin­stelling) waar­bij de werkne­mer het over­draag­baar deel van het loon dat zijn werkgev­er hem ver­schuldigd is, in eigen­dom over­draagt. Hier­door wordt die financierder, eige­naar van het loon en meteen ook schuldeis­er van de werkgever.

Wat is loon?

Het Gerechtelijk Wet­boek omschri­jft loon als de bedra­gen uit­ge­keerd ter uitvo­er­ing van een arbei­dsovereenkomst, een leerovereenkomst, een statu­ut, een abon­nement, alsmede die welke wor­den uit­ge­keerd aan per­so­n­en die tegen loon onder het gezag van een ander per­soon arbeid ver­richt­en buiten een arbei­dsovereenkomst.
Meer con­creet wor­den dus bedoeld:

het eigen­lijke loon (na aftrek van de RSZ-bij­drage, de bedri­jfsvoorheff­ing en andere inhoudin­gen zoals de groepsverzekering);

com­missielo­nen;

opzeg­gingsver­goedin­gen;

ein­de­jaar­spremies of de der­tiende maand;

vakantiegeld.

Maar ook werk­looshei­d­suit­k­erin­gen, uitk­erin­gen betaald door fond­sen voor bestaan­szek­er­heid, uitk­erin­gen wegens arbei­d­songeschik­theid, de uitk­er­ing toegek­end bij onder­brek­ing van de beroep­sloop­baan, enz.

Het Gerechtelijk Wet­boek bepaalt ook wat niet vat­baar is voor beslag, namelijk de gezins­bi­js­la­gen, de tege­moetkomin­gen aan min­der­vali­den of de bedra­gen uit­ge­keerd door ocmw’s.

Gren­zen

Het bedrag waarop beslag mag gelegd wor­den is gepla­fon­neerd. Om de werkne­mer een min­i­mu­minkomen te garan­deren kan een per­cent­age van het loon niet geblok­keerd wor­den. Dat per­cent­age is afhanke­lijk van de hoogte van het inkomen. Het bedrag waaron­der het loon volledig vat­baar is voor beslag of over­dracht wordt jaar­lijks geïndexeerd.

Overzicht van de loon­drem­pels sinds 1 jan­u­ari 2020

Voor beroepsinkom­sten (net­tomaandinkomen in 2020 in euro)

Aan­deel dat vat­baar is voor beslag of over­dracht
0% : tot 1.138
20% : 1.138,01 — 1.222
30% : 1.222,01 — 1.349
40% : 1.349,01 — 1.475
100% : meer dan 1.475

Voor ver­vang­ingsinkom­sten (net­tomaandinkomen in 2020 in euro)

Aan­deel dat vat­baar is voor beslag of over­dracht 0% : tot 1.1380
20% : 1.138,01 — 1.222
40% : 1.222,01 — 1.475
100% : meer dan 1.475

Deze loon­drem­pels wor­den ver­hoogd met 70 euro per kind ten laste. Een kind is een per­soon ten laste als diens inkomen onder de vol­gende bedra­gen (in euro) blijven:

Samen­wo­nende : 3.226
Alleen­staande : 4.660
Gehand­i­capt kind : 5.908