Lenen voor het dividend: interestaftrek of niet?

Terug naar het overzicht

06 juni 2020

Lenen voor het div­i­dend: inter­estaftrek of niet?

De fis­cus meent dat inter­esten op een lening aange­gaan om div­i­den­den uit te keren, per defin­i­tie niet fis­caal aftrek­baar zijn. Het zijn immers uit­gaven die niet zijn aange­gaan om inkom­sten te ver­w­er­ven, een cen­trale voor­waarde uit het Wet­boek van de inkom­sten­be­lastin­gen. Het Hof van Cas­satie ziet dat anders.

Lenen om uit te geven

Sinds enige jaren is er in recht­spraak en recht­sleer een dis­cussie over de aftrek­baarheid van inter­esten op lenin­gen die wer­den aange­gaan om een div­i­dend uit te keren of om een kap­i­taalver­min­der­ing uit te voeren.

Voor het Hof van Cas­satie moeten inter­esten van een dergelijke lening vol­doen aan de gebruike­lijke voor­waar­den van artikel 49, eerste lid WIB 92. Dat betekent dat de ven­nootschap moet bewi­jzen dat de inter­esten als doel hebben, het verkri­j­gen of het behouden van belast­bare inkom­sten. Het is dus zek­er niet zo dat aftrek als beroep­skost is omdat de lening werd aange­gaan om beroeps­matige uit­gaven te financieren.

Bewi­js

Om de inter­esten te kun­nen aftrekken moet de belast­ing­plichtige vol­gens het Hof van Cas­satie kun­nen aan­to­nen “dat de inter­est­las­ten, en dus niet de kap­i­taalver­min­der­ing of div­i­den­duitk­er­ing zelf, vol­doen aan de toepass­ingsvoor­waar­den” van artikel 49 WIB 92. De ​“loutere omstandigheid dat een ven­nootschap op het ogen­blik dat zij betalin­gen moet uitvo­eren, over onvol­doende liq­uiditeit­en beschikt en bijgevolg een lening aan­gaat om die betalin­gen uit te voeren” is onvol­doende vol­gens het Hof.

Essen­tieel in dit arrest is dus dat de recht­bank of het hof dat moet oorde­len over een dergelijke sit­u­atie wel degelijk het recht of zo u wil, de plicht heeft om te oorde­len dat de uit­gave bedoeld is om belast­bare inkom­sten te verkri­j­gen of te behouden.

In casu was het Hof van Beroep van Antwer­pen tot de vast­stelling gekomen dat de belast­ing­plichtige dat bewi­js niet geleverd had, niet­te­gen­staande het Hof wel degelijk aan­vaardde dat de ven­nootschap op het moment van de kap­i­taalver­min­der­ing en div­i­den­duitk­er­ing niet over vol­doende liq­uiditeit­en beschik­te om de betalin­gen aan de aan­deel­houd­ers te doen.

Waar je moet op letten

Als u een lening aan­gaat om div­i­den­den uit te keren of voor een kap­i­taalver­min­der­ing, dan zal de fis­cus op zoek gaan naar de reden waarom u een lening verki­est boven het gebruik van eigen mid­de­len. Zelfs het feit dat de div­i­den­duitk­er­ing of kap­i­taalver­min­der­ing een per­fect logis­che of economisch onder­bouwde besliss­ing is, betekent niet dat de lening die daar­toe wordt aange­gaan per defin­i­tie aange­gaan werd voor het verkri­j­gen of behouden van acti­va of belast­bare inkomsten.

Zoals gezegd vond het Hof het feit dat de ven­nootschap niet over vol­doende liq­uiditeit­en beschik­te op zich niet vol­doende.
Wat het Hof bijvoor­beeld wel zou aan­vaar­den, is het bewi­js dat de ven­nootschap de aan­deel­houd­ers maar zou kun­nen uit­be­tal­en door ​‘inkom­sten­gener­erende acti­va’ te gelde te mak­en of ze in natu­ra uit te keren. Maar dat bewi­js zou dan heel erg con­creet geleverd moeten worden.

Oppor­tu­niteit­so­ordeel

De fis­cus heeft niet het recht om een uit­gave te ver­w­er­pen als zij meent dat de uit­gave niet de best mogelijke besliss­ing is. Dat zou een oppor­tu­niteit­so­ordeel vor­men en dat mag niet. De belast­ing­plichtige haalde dat argu­ment ook aan voor het Hof van Cas­satie maar het werd redelijk vlot weggeveegd door het Hof. Nochtans is dat een gevaar dat om de hoek schuilt.

In de besliss­ing van het Hof van Cas­satie lezen we dat u niet het recht heeft om een lening aan te gaan omdat dat u beter ​‘past’. Als u vol­doende liq­uiditeit­en heeft, dan moet u die inzetten voor de div­i­den­duitk­er­ing of kap­i­taalver­min­der­ing.
Als u onvol­doende liq­uiditeit­en heeft, dan nog heeft u niet zo maar de mogelijkheid om een lening aan te gaan. Als de acti­va die u bez­it geen inkom­sten gener­eren, dan vin­dt de recht­spraak het blijk­baar geen prob­leem dat u die eerst te gelde maakt vooraleer u een lening aan­gaat (ten­min­ste als u de inter­esten wil aftrekken als beroep­skosten).
Nochtans zou men zich toch de vraag kun­nen stellen of de keuze om al dan niet acti­va te gelde te mak­en voor een div­i­den­duitk­er­ing, een keuze is die door de belast­ing­plichtige gemaakt mag worden.

Con­clusie is in elk geval dat de fis­cus niet zo maar de inter­estaftrek automa­tisch kan ver­w­er­pen. Ook al ligt de bewi­js­last hoog, de belast­ing­plichtige heeft de mogelijkheid om aan te tonen dat de inter­est­be­talin­gen gedaan wer­den om inkom­sten te ver­w­er­ven of te behouden.