Laadpaal en investeringsaftrek

Terug naar het overzicht

23 augustus 2022

Laad­paal en investeringsaftrek

Als uw onderne­m­ing bij haar bedri­jf­slei­der een laad­paal installeert, dan kri­jgt zij daar­voor geen invester­ingsaftrek. Maar wat als de onderne­m­ing op het­zelfde adres geves­tigd is?

Invester­ingsaftrek

De invester­ingsaftrek is een aftrek die de onderne­m­ing geni­et bovenop de afschri­jvin­gen op de invester­ing. Het stan­daard­tarief van de invester­ingsaftrek bedraagt 8%, maar dat tarief wordt tot eind 2022 ver­hoogd tot 25%, voor de investerin­gen die tot 31 decem­ber 2022 gere­aliseerd wor­den. De ver­hoogde invester­ingsaftrek is één van de onder­s­te­unende maa­trege­len in het kad­er van de Covid-19-pandemie.

Een invester­ingsaftrek is enkel mogelijk bij zelf­s­tandi­ge onderne­mers (en vrij beroepers) en bij kmo’s. Grote ven­nootschap­pen geni­eten in de regel geen invester­ingsaftrek, behalve voor enkele spec­i­fieke investerin­gen. Het opricht­en van laadin­stal­laties voor het laden van elek­trische voer­tu­igen is één van de investerin­gen die op zich in aan­merk­ing komen voor het algemene tarief van de investeringsaftrek. 

Een belan­grijke voor­waarde om de invester­ingsaftrek te kun­nen geni­eten is echter dat het gebruik van het betrokken invester­ings­goed niet mag wor­den afges­taan aan der­den. Die maa­tregel werd genomen om te ver­mi­j­den dat een kmo een goed zou aan­schaf­fen, met invester­ingsaftrek, om het gebruik ervan daar­na af te staan aan een grote onderne­m­ing, die op zich geen invester­ingsaftrek kan genieten.

Laad­paal aan het bedrijf 

Als er laad­palen geplaatst wor­den om het per­son­eel toe te lat­en er zijn bedri­jf­swa­gen of eigen wagen aan op te laden, dan moet dat niet gezien wor­den als een over­dracht van het gebruik van de invester­ing, ver­duidelijk­te de min­is­ter van Finan­ciën in antwo­ord op een par­lemen­taire vraag. Een invester­ingsaftrek bli­jft dus mogelijk. 

Ook als de laad­palen dienen om de bezoek­ers of klanten de mogelijkheid te bieden om hun wagen op te laden, is dat geen bezwaar voor de investeringsaftrek. 

Maar de min­is­ter had het toen enkel over laadin­stal­laties die geïn­stalleerd waren in, of aan een bedrijfsgebouw.

Vol­gens de min­is­ter is een invester­ingsaftrek niet mogelijk wan­neer de laad­palen geïn­stalleerd wor­den bij de werkne­mer of de bedri­jf­slei­der thuis.

De bedri­jf­slei­der woont in zijn onderneming

Eén hypothese werd in het min­is­ter­iële antwo­ord niet belicht, namelijk die van de bedri­jf­sze­tel ten huize van de bedri­jf­slei­der. Stel dat de won­ing waar de bedri­jf­slei­der woont meteen ook de maatschap­pelijke zetel is van de ven­nootschap die de laad­paal laat installeren. Naar aan­lei­d­ing van een nieuwe par­lemen­taire vraag laat de min­is­ter ook daar zijn licht op schijnen.

Hij kri­jgt 3 hypothe­ses voorgelegd.

De ven­nootschap laat een laad­paal plaat­sen in de privé­won­ing van haar bedri­jf­slei­der, waar ook de enige en werke­lijke bedri­jf­sze­tel van de ven­nootschap zich bevindt.

De ven­nootschap laat een laad­paal plaat­sen bij de bedri­jf­slei­der aan de buitengev­el van de eigen­dom van de bedri­jf­slei­der. Hij woont er en ook de kan­toren van de onderne­m­ing zijn in dat gebouw onderge­bracht. Er is ook per­son­eel dat de laad­paal eve­neens mag gebruiken.

Een man­age­mentven­nootschap laat een laad­paal plaat­sen bij haar bedri­jf­slei­der in diens privé­won­ing, waar tevens een bureau van de man­age­mentven­nootschap is gevestigd.

De min­is­ter meent echter dat in deze drie gevallen het recht van gebruik wordt overge­dra­gen aan een belast­ing­plichtige die niet vol­doet aan de voor­waar­den die wor­den opgelegd door artikel 75, 3°, van het Wet­boek van de Inkom­sten­be­lastin­gen 1992. De laad­paal komt in geen van die drie gevallen in aan­merk­ing voor de invester­ingsaftrek.
De omstandigheid dat ook de per­son­eel­sle­den van de ven­nootschap de elek­trische wagens waarmee ze komen werken mogen opladen aan de laad­palen, doet niet ter zake.