Veel mensen zijn verbaasd als ze samen met hun boekhouder hun belastingafrekening onder de loep nemen. Was er geen taxshift die tot doel had lagere belastingen in de personenbelasting te heffen? Het is niet zozeer het resultaat van de belastingberekening dat verwondering oproept, het is de gemiddelde aanslagvoet. Voor heel wat belastingbetalers is de gemiddelde aanslagvoet sedert 2017 een pak hoger dan voordien. Hoe komt dat?
Wat is de gemiddelde aanslagvoet?
Uw gemiddelde aanslagvoet is de verhouding tussen de basisbelasting en uw belastbaar inkomen. Uw gemiddelde aanslagvoet weerspiegelt de gemiddelde belastingdruk waaraan u onderworpen wordt. Nu verloopt de berekening van die gemiddelde aanslagvoet sedert aanslagjaar 2017 (inkomsten 2016) anders dan voor de taxshift.
Progressie inkomensbelasting
Op uw inkomsten betaalt u belastingen. Zijn die inkomsten hoger dan het belastingvrij minimum dan betaalt u een zeker belastingpercentage per inkomensschijf. Die belasting is progressief: hoe groter uw inkomen, hoe meer belasting u betaalt. Zo betaalt u op de eerste inkomensschijf maar 25% belasting. Op de hoogste betaalt u 50% belasting. Voor de belastingaangifte van dit jaar (inkomsten 2017) zijn dit de belastingschijven:
| Belastingschijf | Inkomensschijf | Tarief belasting |
| Schijf 1 | € 0 tot €11 070 | 25% |
| Schijf 2 | € 11 070,01 t/m € 12 720 | 30% |
| Schijf 3 | € 12 720,01 t/m € 21 190 | 40% |
| Schijf 4 | € 21 190,01 t/m € 38 830 | 45% |
| Schijf 5 | Meer dan 38 830,01 euro | 50% |
De belastingaangifte die u in 2019 zal indienen (inkomsten 2018) zal anders berekend worden:
| Belastingschijf | Inkomensschijf | Tarief belasting |
| Schijf 1 | € 0 tot €12 990 | 25% |
| Schijf 2 | € 12 990,01 t/m € 22 290 | 40% |
| Schijf 3 | € 22 290,01 t/m € 39 660 | 45% |
| Schijf 4 | Meer dan 39 660,01 euro | 50% |
Merk op dat de belastingschijf van 30% zal wegvallen en dat deze inkomensschijf in de schijf van 25% is terechtgekomen. Dat zal dus voor een belastingverlaging zorgen. En merk ook op dat schijf 3, de schijf van 45% belasting, een hogere ondergrens heeft. Concreet betekent dit dat u ook minder snel in deze belastingschijf zal terechtkomen en dus minder belasting zal moeten betalen.
Gemiddelde aanslagvoet omhoog
Hoe kan het dan dat de gemiddelde aanslagvoet toch hoger ligt? Met de zesde staathervorming is de berekening van de gemiddelde aanslagvoet aangepast. Er wordt vanaf aanslagjaar 2017 geen rekening meer gehouden met gewestelijke Vlaamse, Waalse en Brusselse belastingverminderingen. Enkel met federale belastingverminderingen wordt nu nog rekening gehouden voor de berekening van uw gemiddelde aanslagvoet.
Aantal inkomsten zwaarder belast
Een aantal inkomsten worden niet tegen progressieve belastingtarief belast, maar wel tegen de gemiddelde aanslagvoet (een tarief dat zich situeert tussen 25 en 35%). Het gaat om minder courante inkomsten zoals:
- opzegvergoedingen
- achterstallige lonen
- pensioenen
- vervroegd vakantiegeld
- achterstallige onderhoudsuitkeringen
Deze inkomsten zullen dus zwaarder belast worden omdat de gemiddelde aanslagvoet ook hoger ligt. De taxshift verlaagt dus de belasting op de gewone inkomsten, maar tegelijk is er een verhoging van de belasting op inkomsten die belast worden tegen de gemiddelde aanslagvoet. Zaken zoals uitgaven voor kinderopvang en pensioensparen verlagen nog altijd uw gemiddelde tarief (omdat deze federaal geregeld worden). Andere regionale zaken zoals dienstencheques en de Vlaamse woonbonusregeling verlagen uw gemiddeld tarief – in tegenstelling tot voor de staatshervorming – dus niet meer.
Discriminatie vermijden?
De overheid wil zo vermijden dat er discriminatie is inzake de federale belastingberekening. Vlamingen kunnen genieten van de woonbonus, Walen van de Waalse wooncheque, maar Brusselaars krijgen geen fiscaal voordeel voor hun woonkrediet. En de federale regering wil niet dat gewestelijke belastingregels de federale belastingberekening beïnvloeden. Dat is de redenering die achter deze nieuwe berekening van de gemiddelde aanslagvoet zit.
Hiaten
Toch zitten er in die redenering hiaten. En de federale wetgever past deze redenering soms zelf niet toe, want gewestelijke belastingregels hebben wel degelijk een invloed op de berekening van fiscale voordelen voor hypotheken en de gezinslast op de inkomsten van gehuwden. Gewestelijke verminderingen worden dus geweerd, maar federale niet. En dat leidt soms tot situaties waarbij iemand met een lening voor zijn vakantiehuis in het buitenland bijvoorbeeld veel minder belasting betaalt op zijn opzegvergoeding dan een ander die de lening voor een eigen huis nog altijd afbetaalt.
Als u nog vragen heeft, aarzel niet om ons te contacteren.