De bedrijfsfietsen worden niet gebruikt… hoe zit dat fiscaal en sociaal?

Terug naar het overzicht

14 december 2020

De bedri­jfs­fi­et­sen wor­den niet gebruikt hoe zit dat fis­caal en sociaal?

Enkele jaren gele­den besliste de wet­gev­er om het gebruik van de fiets voor woon-werkver­keer aan te moedi­gen. Wie met zijn eigen fiets naar het werk pen­delt, kan van een belast­ingvri­je ver­goed­ing geni­eten en het voordeel ver­bon­den aan de bedri­jfs­fi­ets wordt zo min mogelijk belast. Maar door coro­na moeten de werkne­mers niet naar kan­toor. Heeft dat een impact?

Een fiets van de werkgever

Voor de fis­cus en de RSZ is alles wat u als werkgev­er aan uw werkne­mer geeft als ver­goed­ing voor zijn/​haar presta­ties, gelijk aan loon. En dus zijn er belastin­gen en RSZ-bij­dra­gen ver­schuldigd als u die werkne­mer een fiets aan­biedt. Dat werkt natu­urlijk niet erg stim­ulerend om die werkne­mer uit de bedri­jf­swa­gen te kri­j­gen. Daarom is die bedri­jfs­fi­ets voor de fiet­sende werkne­mers en bedri­jf­slei­ders, vrij van belastin­gen en sociale zekerheid.

Die vri­jstelling geldt ongeacht het type fiets (elek­trisch, speed­elec, moun­tain­bike, …). Het geldt ook voor onder­houds- en stallingskosten. U mag, bovenop de fiets zelf nog een fietsver­goed­ing toeken­nen die dan ook nog vrij is van belastin­gen en RSZ (maar dan mag de ver­goed­ing niet hoger zijn dan 0,24 euro per km).

Aan werkgev­er­sz­i­jde

Goed nieuws voor de werkne­mer, maar hoe zit het met de werkgev­er? Wel ook daar leggen fis­caliteit en sociale zek­er­heid u geen stro­breed in de weg.

• De aankoop van de fiets is 100% aftrek­baar (maar u moet hem wel afschri­jven over 3 jaar).
• Het­zelfde geldt voor de finan­ciële leasing.
• Ook alle andere directe kosten zijn 100% aftrek­baar (onder­houd, her­stelling van fiets en toebehoren). 
• Zelfs de indi­recte kosten (het ver­bouwen, ver­w­er­ven of bouwen van onroerend goed dat bestemd is voor het stallen van fiet­sen tij­dens de werkuren, als klee­druimte of san­i­tair, al dan niet met douch­es, de instal­latie van zon­nepan­ne­len en laad­pun­ten voor elek­trische fiet­sen) zijn 100% aftrekbaar.
• Ten slotte is ook de fietsver­goed­ing (0,24 euro/​km) aftrekbaar.

Vanu­it een BTW-stand­punt is het iets min­der uit­ge­breid: als de werkne­mer de fiets gebruikt voor woon-werkver­keer of voor andere privé-ver­plaatsin­gen, dan is de BTW niet aftrek­baar omdat de fiets niet beroeps­matig gebruikt wordt. Het zou anders zijn als de werkne­mer er uit­slui­tend beroepsver­plaatsin­gen mee doet (lees: in opdracht van de werkgev­er naar klanten rij­den).
De investerin­gen in de accom­mo­datie (stalling, douch­es, …) zijn daar­ente­gen wel beroeps­matig en de BTW is wel 100% aftrekbaar.

Woon-werkver­keer

Er is wel een voor­waarde om van dit gun­stige belast­in­gregime te geni­eten: de fiets moet op regel­matige basis gebruikt wor­den voor woon-werkver­keer. Dat hoeft niet van thuis naar kan­toor. Het mag bijvoor­beeld ook in com­bi­natie met de trein (de werkne­mer fietst naar het sta­tion) of zelfs met de auto (hij fietst enkele dagen per week en andere dagen neemt hij de wagen).
De fiets moet ook niet uit­slui­tend voor het pen­de­len gebruikt wor­den. De werkne­mer mag er ook privé-ver­plaatsin­gen mee doen.
Maar in essen­tie dient hij dus voor woon-werkver­keer op een regel­matige basis. In de prak­tijk verbindt de werkne­mer er zich toe de fiet­spol­i­cy van het bedri­jf na te lev­en zodat hij ver­plicht is de fiets regel­matig te gebruiken (bv. min­stens 2 keer per week).

En in coronatijden?

In principe moet de werkne­mer die fiets dus echt gebruiken om naar de plaats van de tew­erk­stelling te rij­den. Maar dat is in coro­nati­j­den nogal lastig. Zow­el in maart/​april als in november/​december was er de ver­plicht­ing om te telew­erken. Die fiets moest dus wel op stal bli­jven.
In antwo­ord op een par­lemen­taire vraag liet de min­is­ter recent weten dat dat niet echt een prob­leem is. Als het aan­tal woon-werkver­plaatsin­gen met de fiets omwille van de COVID-19-maa­trege­len lager is dan voorzien in de fiet­spol­i­cy van de werkgev­er, heeft dit niet tot gevolg dat de vri­jstelling van het voordeel niet meer van toepass­ing kan zijn.
Maar de vri­jstelling van de fietsver­goed­ing is wel gekop­peld aan de werke­lijke ver­plaatsin­gen met de fiets tussen de woon­plaats en de plaats van tew­erk­stelling. Bijgevolg geldt die vri­jstelling niet als de werkgev­er een fietsver­goed­ing betaalt voor dagen dat de werkne­mer thuis werkte.